Terug naar hoofdinhoud

Roelfien

Roelfien loopt de tuin in. Daarligt haar man Freerk op zijn knieƫn in een bed wortels om die uit te dunnen.

"Koffie is kloar." Ze blijft even bij Freerk staan en hoort het geratel van populieren.
"Heurst doe dat ook? Ik heur dulek populiereen." Freerk gaat staan.
"Ik heur niks," zegt hij. "Het is windstil en boetendes, hier stoan naargens gain populieren."

Een paar dagen later is er een TT in Assen en het is bloedheet.
Na de middag verzamelen wij onze zwemkleren en een handdoek. Dan laden wij een opgepompte binnenband van een auto voor op de fiets. Daarmee kun je je mooi drijvend houden in het water en mooi bootjevaren.
We vertrekken naar het Veenkanaal, dat achter de dorpen langs loopt en niet meer wordt gebruikt en waar de draaibruggen gemakkelijk opengedraaid kunnen worden om te dienen als springplank.
Na enige tijd verschijn Freerk op zijn brommer. Hij gaat ook zwemmen en duikt van de afgedraaide brug af.
Na een paar keer gaat het mis: Freerk komt niet meer boven water. Het wordt stil op de burg.
Eiindelijk komt Freerk weer boven. Hij krabbelt naar de wal en geeft ons instructies hoe wij hem op de wal moeten trekken.
Dan wijst hij iemand aan die zijn kleren aan moet trekken.
Als hij is aangekleed moeten een paar man hem overeind helpen.
Iemand trapt zijn brommer aan. Over het smalle paadje langs het kanaal verdwijnt Freerk na enige tijd uit het zicht.
Thuisgekomen gaat hij in bed liggen. "Roup dokter mor, 't is nait goud."
De dokter komt, constateert dat hij er niet in kan kijken en gaat weer naar huis om een ambulance te bellen.
In het Academisch Ziekenhuis in Groningen worden foto's gemaakt: de nek is gebroken.

Maandag zitten we tussen de middag aan de maaltijd als de bakkersvrouw komt. Zij hebben als bakker telefoon en zijn gebeld door het ziekenhuis.
"Ie mouten vot noar 't zaikenhoes kommen," zegt ze. "Joen man wordt nou opereerd. Der is een stukje van de atlas oaf en dei drukt tegen het hersenvlies aan."
Roelfien doet haar schort af en loopt naar de bushalte.

Als ze tegen 2 uur in het ziekenhuis komt is de operatie nog aan de gang.
Een verpleegkundige haalt voor haar een kop koffie en brengt haar naar een wachtruimte.
Het is warm en de ramen zijn opengeschoven.
Roelfien heeft uitzicht op een rij populieren.
Ze ratelen op een manier die haar bekend voorkomt en vertrouwen geeft.