Terug naar hoofdinhoud

Gebed

“Hai het n plestieken puutje bie zuk!”
Mijn vrouw kijkt verontwaardigd. “Hest nou oeit zowat zain! N plestieken puut, zel k die vertellen! Hai is der op oet!”
We houden het echtpaar, rond de tachtig en netjes gekleed, al een poosje in de gaten. Regelmatig loopt hij langs het buffet dat door de hotelhouder rijk is voorzien van een keur aan brood, beleg en drinken.

 Even kijkt hij om zich heen. Dan een graai. Kuipjes jam en boter verdwijnen haast achteloos in de jaszak. Hij legt een plakje brood op het bord. Met een vanzelfsprekend gebaar worden er kuipjes boter en jam aan toegevoegd.
Rustig loopt hij weer naar hun tafel.
Hij smeert zijn boterham en schuift tijdens het eten de overige kuipjes over de tafel. Zijn vrouw glimlacht als ze haar hand uitsteekt om ze naar zich toe te trekken. Haar tas staat op de stoel naast haar en geroutineerd laat ze daarin de kuipjes verdwijnen.

Met het lege bordje loopt hij even later weer terug naar de balie.
Bordje neerzetten, boter en jam in de jaszak.
Rustig en weloverwogen scant hij de omgeving. Alles veilig.
Dan maar naar de vleeswaren. Met het vorkje worden wat plakjes losgemaakt. Uit z'n broekzak haalt hij een plastic zakje dat in een paar bewegingen wordt gevuld met de plakjes vlees. Snel en soepel gaat het gevulde zakje in de binnenzak van z'n colbert.

Een van de bedienende meisjes komt terug achter het buffet en inspecteert de voorraad.
De man heeft intussen het bordje opgepakt, legt daarop een plakje brood en doet een greep in de boter en de jam. Het meisje kijkt hem na als hij weer naar zijn vrouw loopt.
“Ze het hom in de goaten, dunkt mie,” concludeert mijn vrouw tevreden.

Met de ellebogen op tafel blijven ze even zitten.
Als het meisje weer weg is steekt de vrouw haar hand uit. De kuipjes verdwijnen in de tas naast haar. Hij haalt het plastic zakje met vlees tevoorschijn en schuift het in haar richting.
Even is er enige verwarring als hij ook het plakje brood over de tafel steekt; hij heeft geen trek meer. Na enige aarzeling gaat ook het plakje brood in de tas.
Hij gaat weer staan en haalt twee kopjes koffie.

Na de koffie is er even overleg. Een paar keer kijkt hij naar het buffet of het meisje er nog staat. Ze is weg.
Maar kennelijk is er genoeg binnengehaald. Met een beslist gebaar ritst mevrouw de tas dicht.
Dan verootmoedigen de beide oudjes zich. Ze buigen zich enigszins naar de tafel, vouwen hun handen en gaan in gebed.
Het wordt een lang en -zo te zien- innig gebed.
Er was vanmorgen weer veel om voor te danken.