Terug naar hoofdinhoud

Gideon

6 april 2013.

Zoals elke eerste zaterdag van de maand, gaan ze ook deze keer rond half tien de wijk in om oud papier op te halen. 
Henk en Erik sjouwen de dozen van de huizen naar de kar, Pieter zit op de trekker en Marco staat in de kar om de aangeleverde dozen en pakketten op te stapelen.

 Het tempo ligt hoog.
Het is een koude morgen en dit houdt ze warm.
Daar komt nog bij dat de club van vorige maand al op tijd terug was en het is hun eer te na om vandaag later te stoppen.

Achterovergeleund sjouwt Henk een zware doos naar de kar.
Met een doffe dreun komt het neer op de vochtige vloer.
Marco pakt het op om het op de stapel te zetten.
Dan scheurt de doos open en de inhoud verspreidt zich over de vloer.
Tussen de tijdschriften, folders en kranten ligt een klein blauw boekje.
Met zijn voet schuift Marco het losse papier tegen de opgestapelde dozen aan.
Het boekje verdwijnt ergens tussen de folders.

Een paar straten verderop.
Henk leunt even tegen de kar terwijl hij het zweet van zijn gezicht veegt: het gaat lekker vanmorgen.
Dan ziet hij uit zijn ooghoek weer dat kleine blauwe boekje.
En dat is heel apart.
Want dit is zeker al de derde of vierde keer dat het langs komt.
Tussen het losse papier dat hier en daar nog op de bodem van de kar ligt komt het boekje iedere keer weer tevoorschijn.
Even aarzelt hij.
Zal hij het boekje meenemen?
Dan schudt hij het hoofd: dit papier wordt opgehaald om wat op te brengen voor de kerk.
En als iedereen allerlei lectuur mee naar huis gaat nemen dan schiet dat niet op.
Vastbesloten steekt hij zijn zakdoek in de zak en loopt voor de kar uit naar het volgend adres.

Als de kar vol is wurmen Henk en Erik zich door de openingen aan de zijkant van de kar naar binnen en zoeken een plek tussen de dozen.
Dan rijden ze terug naar de containers bij het houten restaurant.

In een hoog tempo wordt de kar leeggegooid.
De lichte dozen vliegen door de lucht, de zwaardere gaan door de openingen aan de zijkant de container in.
Een poosje later is de kar leeg.
Henk stapt van de kar af en blijft dan stokstijf staan.
Weer dat kleine blauwe boekje.
Nu ligt het op de grond voor zijn voeten.
Dan gaat hij tegen zijn principes in, bukt zich en steekt het boekje in zijn jaszak.

“Een gedichtenbundel? Wat moet jij nu met een gedichtenbundel.”
Gieneke bladert door het boekje dat Henk even daarvoor op tafel heeft gelegd.
Ze doet het weer dicht en bekijkt de omslag.
“Wereldkinderen? Het boekje is van Wereldkinderen! Wist je dat?”
Henk schudt zijn hoofd.
Hij heeft het boekje verder niet bekeken.
‘Zolang de wereld kinderen geeft’, staat er op het boekje.
Het is ooit uitgegeven door Wereldkinderen in Amsterdam.
En er staan allemaal gedichtjes in.
Dan vertelt Henk hoe het boekje elke keer weer op zijn pad kwam.
Dan weer een poosje niet, dan weer wel, dan was het weer weg en dan lag het er weer.
En uiteindelijk lag het voor zijn voeten en kon hij er niet meer om heen.
En nu blijkt dat boekje dus van Wereldkinderen te zijn?
Henk veert op. “Maar Gieneke, dan weet ik nu zeker dat ons kind geboren is. Nu duurt het niet lang meer! Op 4 of 5 of 6 april is ons kind geboren.”
Henk en Gieneke zijn al jaren bezig met adoptie.
Via Wereldkinderen in Den Haag.

De dag erop komen Henk en Gieneke uit de kerk bij ons langs en vertelt Henk het verhaal van het blauwe boekje.
“Het duurt nu niet lang meer,” zegt Henk stellig. “Ons kind is geboren! Op 4 of 5 of 6 april. Met Kerst zitten wij met een kind aan tafel, let maar eens op!
Nog even volhouden, Gieneke! Met de Kerst!”

Een maand later vieren Henk en Gieneke hun trouwdag.
Henk vertelt aan iedereen die het maar wil horen dat Gieneke en hij binnenkort naar Zuid-Afrika zullen gaan.
Hun kind is namelijk geboren.
En weer vertelt hij van het boekje dat elke keer tussen het oud papier in de kar tevoorschijn kwam.

In april blijft het overigens stil.
En in mei ook.
En in stilte verglijden ook de andere maanden, de een na de ander.
Geen telefoon.
Geen mail.
Geen bericht over een kind dat hun is toegewezen.
Zou Henk het dan toch bij het verkeerde eind hebben?

In de zomer en in het vroege najaar neemt Henk een paar grote klussen aan.
Maar wel met een paar kanttekeningen.
En Henk legt aan zijn opdrachtgevers uit dat hij en zijn vrouw in verband met de adoptie van een kind binnenkort naar Zuid-Afrika zullen gaan en daar een paar weken zullen moeten blijven.
Wanneer dat precies zal zijn kan Henk niet zeggen, maar, zo voegt hij eraan toe, het werk zal daar niet onder lijden.
Daarover heeft Henk namelijk al afspraken gemaakt. Dat komt helemaal goed.

Het is nu al een half jaar geleden dat Henk het boekje vond en hij weet het nog steeds zeker.

Op 22 oktober 2013 gaat de telefoon!
Wereldkinderen aan de lijn.
Er is een match!
Het is een jongen en hij heet Gideon.

Op 4 april 2012 is hij geboren.
Op 5 april wordt maatschappelijk werk ingeschakeld.
Op 6 april wordt hij overgedragen aan het kindertehuis van Abba Adoption in Pretoria.
6 april 2012: het is die dag Goede Vrijdag. De dag waarop Gideon het kindertehuis wordt binnengebracht en Hen een blauw boekje vindt.